Gloudemans uitsprakenUitspraken

Onteigening

30 april 2020

Besluit van 3 april 2020, nr. 2020000680 (Haarlemmermeer)

Besluit van 3 april 2020, nr. 2020000680 tot aanwijzing van een onroerende zaak ter onteigening in de gemeente Haarlemmermeer krachtens artikel 78 van de Onteigeningswet (onteigeningsplan De Veldpost)

9 oktober 2019

Besluit van 16 september 2019, nr. 2019001861 (West Betuwe)

Besluit van 16 september 2019, nr. 2019001861 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeente West Betuwe krachtens artikel 72a van de Onteigeningswet (onteigening voor de realisering van het project Spooromgeving Geldermalsen, met bijkomende werken in de gemeente West Betuwe).

7 oktober 2019

Besluit van 30 augustus 2019, nr. 2019001666 (Boekel)

Besluit van 30 augustus 2019, nr. 2019001666 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeente Boekel krachtens artikel 72a van de Onteigeningswet (onteigening voor de aanleg van een randweg ten westen van Boekel (project Randweg Boekel), vanaf de kruising van de N605/Volkelseweg met de wegen Molenakker en Molenwijk tot de zuidelijke aansluiting van de weg Mutshoek op de N605, alsmede voor de aanleg van aansluitingen van de randweg op de wegen Neerbroek en Erpseweg, de aanleg van een parallelweg tussen de wegen Koesmacht en Lage Raam en Erpseweg en Het Goor, de aanleg van een nieuwe verbindingsweg naar het bedrijventerrein De Vlonder en de aanleg van een verbindingsweg tussen de wegen Leurke en Mutshoek, met bijkomende werken, in de gemeente Boekel).

1 oktober 2019

Besluit van 30 augustus 2019, nr. 2019001739 (Zeewolde)

Besluit van 30 augustus 2019, nr. 2019001739 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeente Zeewolde krachtens artikel 78 van de Onteigeningswet (onteigeningsplan bestemmingsplan Buitengebied 2016 van de gemeente Zeewolde).

26 september 2019

Besluit van 16 september 2019,nr. 2019001862 (Westerkwartier)

Besluit van 16 september 2019,nr. 2019001862 tot aanwijzing een onroerende zaak ter onteigening in de gemeente Westerkwartier krachtens artikel 72a van de Onteigeningswet (onteigening voor het project Extra Sneltrein Groningen-Leeuwarden, met bijkomende werken in de gemeente Westerkwartier).

19 september 2019

Besluit van 18 juli 2019, nr. 2019001436 (Aalsmeer)

Besluit van 18 juli 2019, nr. 2019001436 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeente Aalsmeer krachtens artikel 78 van de Onteigeningswet, onteigeningsplan Green Park Aalsmeer Middenweg en deelgebieden 3, 5 en 7 (Middenweg-West).

24 juli 2019

Besluit van 3 juli 2019, nr. 2019001316 (Overbetuwe, Lingewaard, Duiven, Zevenaar en Montferland)

Besluit van 3 juli 2019, nr. 2019001316 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeenten Overbetuwe, Lingewaard, Duiven, Zevenaar en Montferland krachtens artikel 72a van de Onteigeningswet (onteigening voor het project ViA15 met bijkomende werken, dat wordt gerealiseerd in de gemeenten Overbetuwe, Nijmegen, Lingewaard, Duiven, Zevenaar en Montferland)

15 juli 2019

Besluit van 18 juni 2019, nr. 2019001169 (Pekela)

Besluit van 18 juni 2019, nr. 2019001169 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeente Pekela krachtens artikel 72a van de Onteigeningswet (onteigening voor de verbreding van de N366, wegvak Nieuwe Pekela-Alteveer, met bijkomende werken, in de gemeente Pekela).

28 juni 2019

Besluit van 3 juni 2019, nr. 2019001065 (Lochem)

Besluit van 3 juni 2019, nr. 2019001065 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeente Lochem krachtens artikel 78 van de Onteigeningswet (onteigeningsplan N348 Jodendijk/Scheuterdijk te Eefde)

20 juni 2019

Besluit van 27 mei 2019, nr. 2019001025 (Deventer en Lochem)

Besluit van 27 mei 2019, nr. 2019001025 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeenten Deventer en Lochem krachtens artikel 72a van de Onteigeningswet (onteigening voor de reconstructie van de rijksweg A1 Apeldoorn – knooppunt Azelo, met bijkomende werken in de gemeenten Almelo, Apeldoorn, Deventer, Hof van Twente, Lochem, Rijssen-Holten, Voorst en Wierden).

27 mei 2019

Besluit van 26 april 2019, nr. 2019000856 (Waddinxveen)

Besluit van 26 april 2019, nr. 2019000856 tot aanwijzing van een onroerende zaak ter onteigening in de gemeente Waddinxveen krachtens artikel 72a van de Onteigeningswet (onteigening voor de aanleg van een nieuwe verbindingsweg (de Vredenburghlaan), met bijkomende werken in de gemeente Waddinxveen).

24 mei 2019

Besluit van 25 april 2019, nr. 2019000845 (Venlo)

Besluit van 25 april 2019, nr. 2019000845 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeente Venlo krachtens artikel 78 van de Onteigeningswet (onteigeningsplan TPN Klaver 4bc_4, fietsbrug en Ecologische zone).

20 mei 2019

Besluit van 4 april 2019 nr. 2019000677 (Veldhoven, Bergeijk en Valkenswaard)

Besluit van 4 april 2019 nr. 2019000677 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeenten Veldhoven, Bergeijk en Valkenswaard krachtens artikel 72a van de Onteigeningswet (onteigening voor de aanleg van de nieuwe verbindingsweg Grenscorridor N69, nabij de rijksweg A67, ter hoogte van de Locht aan de zuidwestzijde van Veldhoven (km 2.530), via het gebied ten westen van Dommelen (Valkenswaard), op de bestaande provinciale weg N69 ten zuiden van Valkenswaard (km 11.323), met bijkomende werken)

17 april 2019

Besluit van 20 maart 2019, nr. 201900564 (Dalfsen en Ommen)

Besluit van 20 maart 2019, nr. 201900564 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeenten Dalfsen en Ommen krachtens artikel 78 van de Onteigeningswet (onteigeningsplan N340 vanaf de Engellandweg tot en met de aansluiting N48/N36 Arriërveld)

Besluit van 20 maart 2019, nr. 2019000565 (Amsterdam)

Besluit van 20 maart 2019, nr. 2019000565 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeente Amsterdam krachtens artikel 78 van de Onteigeningswet (onteigeningsplannen Herbestemmen Raambordelen Binnenstad en Herbestemmen Raambordelen Binnenstad II)

1 2 3 21
  • Vormfactor: marktwaarde of marktwaarde zonder bijzonder uitgangspunt?

    Voor het bepalen van de grondwaarde van appartementencomplexen wordt veelal gekeken naar de residuele systematiek. Binnen de residuele systematiek zal er worden gekeken naar een marktconforme opbrengstpotentie en zullen op basis van kengetallen de stichtingskosten worden geraamd. Door de geschatte opbrengstpotentie te verminderen met de geraamde stichtingskosten resulteert een grondwaarde. Een taxateur kan de uitkomst altijd toetsen aan de hand van een grondquote of deze past binnen een marktconforme bandbreedte.

  • 17-03-2021 / ABRS – NMR en compensatie in natura

    Appellant is eigenaar van een terrein van 8.74.56 ha. Onder het nieuwe planologische regime is bepaald dat bouwpercelen een minimale omvang hebben van 5.000 m². Onder het oude planologische regime was geen beperking van de omvang gesteld zodat appellant stelt een waardevermindering te hebben ondervonden. Door de deskundige van het college is de schade vastgesteld op € 4.169.000,00.

  • 03-03-2021 / ABRS – Compensatie in natura na overdracht

    De eigenaar van een perceel in de gemeente Sittard-Geleen is als gevolg van een planologische wijziging geconfronteerd met verminderde gebruiks- en bouwmogelijkheden. De gemeente besluit om de planschade in natura te compenseren door het terug bestemmen van de gebruiks- en bouwmogelijkheden. De Afdeling haalt een streep door dit besluit omdat ten tijde van het besluit niet zeker was dat het nieuwe bestemmingsplan ook daadwerkelijk in werking zou treden én was geen tegemoetkoming vastgesteld voor het geval het bestemmingsplan de eindstreep niet zou halen.

  • 03-03-2021 / ABRS – normaal maatschappelijk risico bij herbouw

    De eigenaar van een woning stelt schade te ondervinden als gevolg van de planologische mogelijkheid om in de nabijheid van zijn woning een woonboerderij op te richten. Die woonboerderij was afgebrand en kon onder het overgangsrecht worden herbouwd. Het bestemmingsplan gaf de mogelijkheid om die woonboerderij op een andere plek te herbouwen. In hoger beroep stond ter discussie of het college in redelijkheid heeft kunnen aansluiten bij het minimale wettelijk forfait van 2% nmr.

  • 24-02-2021 / ABRS – hoogste waarde / taxatie

    Aan appellant is een nadeelcompensatie van € 15.900,00 toegekend vanwege het tracébesluit weguitbreiding Schiphol-Amsterdam-Almere als gevolg waarvan het perceel in waarde zou zijn gedaald. De schadecommissie concludeert dat er geen sprake is van toename van de geluidsbelasting of verslechtering van de luchtkwaliteit. Wel is er sprake van tijdelijke schade ten gevolge van de uitvoering van de tracébesluiten. Het beroep ziet op de taxatie van de waarde van het perceel en het normaal maatschappelijk risico. De taxateur van de schadecommissie heeft het perceel gewaardeerd met de hoogste waarde als bouwkavel omdat de kwaliteit en het volume van de opstallen in relatie tot de grondwaarde het niet rechtvaardigt de bestaande opstallen te handhaven. De door aanvrager ingebrachte taxatie is ervan uitgegaan dat de woning op het perceel niet meer zal worden bewoond en derhalve van de grondwaarde, mede vanwege de op het perceel aanwezige hoogspanningsmast.

  • Onteigening gaat niet over één nacht ijs

    “O wind, als winter komt, laat lente niet lang op zich wachten”. Met deze mooie woorden van de Engelse dichter Percy Bysshe Shelley (1792-1822), een stevige oostenwind en Nederland bedekt onder een laag sneeuw, zie ik de datum van 1 januari 2022 dichterbij komen. De datum 1 januari 2022 is nog steeds de datum waarop wordt beoogd de Omgevingswet in werking te laten treden. Dit lijkt ver weg, maar voor veel projecten waarbij wordt overwogen als sluitstuk het grondbeleidsinstrument “onteigening” in te (moeten) zetten, is een afweging op dit moment de moeite waard en is het aan te bevelen nu voorbereidingen te treffen.

  • 03-02-2021 / ABRS – Vrijstelling eerste fase, salamitactiek

    Appellant is eigenaar van een woning nabij gronden die voorheen een natuurbestemming hadden. In 2004 was een vrijstelling eerste fase verleend voor de realisatie van twaalf bouwkavels. In 2014 is op basis van die vrijstelling een omgevingsvergunning activiteit bouwen verleend voor de bouw van één woning. Appellant is van oordeel dat de wettelijke systematiek en het overgangsrecht voor hem tot een onredelijke uitkomst hebben geleid.

  • 03-02-2021 / ABRS – Lokale functie horeca, belastingschade

    De eigenaar en de exploitant van een horecalocatie in Duiven stellen planschade te hebben ondervonden als gevolg van het gewijzigde bestemmingsplan. Door de planologische wijziging is de zichtbaarheid van de horecalocatie verminderd en de bezonning op het terras afgenomen.

  • 20-01-2021 / ABRS – geluidhinder / normaal maatschappelijk risico

    Appellante claimt schade als gevolg van het Tracébesluit A27/A1 Aansluiting Utrecht Noord – Knooppunt Eemnes – Aansluiting Bunschoten-Spakenburg. De schade leidt volgens haar tot extra geluid en fijnstof op het perceel en een verslechterde ligging van het perceel. Hierdoor is de waarde van haar perceel gedaald.

  • 23-12-2020 / ABRS – Publicatie beleidsvoornemen

    Appellant is eigenaar van een perceel op het industrieterrein van Schagerbrug. Als gevolg van een planologische wijziging waren de bouwmogelijkheden op dat perceel beperkt. Niet in geschil is dat het voorontwerp bestemmingsplan voldoende is om voorzienbaarheid tegen te werpen. Het voorontwerp is vanaf 10 maart 2011 ter inzage gelegd en voorafgaand daaraan zijn folders verspreid om het voorontwerp onder de aandacht te brengen. De vraag staat centraal of op basis van deze openbaarmaking aanleiding bestond om er rekening mee te houden dat het voorontwerp betrekking heeft op het gebied waar het perceel is gelegen en dat daarom van appellant mocht worden verwacht dat hij het voorontwerp zou raadplegen.

  • 16-12-2020 / ABRS – Schadetaxatie

    Door de adviseur van het college is vastgesteld dat de waarde van de woning van appellant van € 625.000,00 naar € 613.000,00 is gedaald. Deze waardedaling valt onder het wettelijk forfait voor het normaal maatschappelijk risico. Nadien is gebleken dat de woning voor € 471.500,00 is verkocht. Omdat dit bedrag sterk afwijkt van de taxatie heeft het college een nieuw advies gevraagd bij een andere deskundige. Die deskundige stelt vast dat de woning onder het oude planologische regime een waarde had van € 440.000,00. De waardedaling zou voorts niet meer bedragen dan het wettelijk forfait, zodat geen aanspraak bestaat op een tegemoetkoming in de planschade.

  • Hoe planschade beter overeenkomt met de feitelijke situatie

    Sinds 2008 wil de wetgever af van planschadevergoedingen voor planschade die voortvloeit uit een nog nader uit te werken bestemming. Mijn collega Klaas Verbeek heeft in zijn vorige blog een introductie geschreven over de flexibiliteit van de planschadebeoordeling. Ik neem het stokje over en ga in op wat de komst van het zesde lid in artikel 6.1 van de Wro voor gevolgen heeft gehad op planschade.

  • Simpele groenstrookjes, ingewikkelde discussiepunten

    Vaak gaat het over kleine stukjes en dus ook niet over grote bedragen: reststroken taxeren. Het lijkt zo eenvoudig, maar vaak is het dat niet. Iedere situatie is namelijk anders en leidt tot een ander gesprek met de potentiële kopers in kwestie. Daarom krijgen wij geregeld vragen en taxatieverzoeken van gemeenten die stoeien met hun reststrokenbeleid. Om een idee te geven hoe de waardering van die paar vierkante meter tot stand komt, bespreek ik vier zaken waar we zoal rekening mee houden.

  • 02-12-2020 / ABRS – Zekerheid grenzende waarschijnlijkheid milieuruimte

    Appellant is eigenaar van een agrarisch bedrijf in het buitengebied van Lelystad. In de nabijheid van dit bedrijf is een diergeneeskundig instituut gevestigd. Daartoe is in een nieuw planologisch regime opgenomen dat evenhoevigen niet langer zijn toegestaan.

  • 25-11-2020 / ABRS – Normaal maatschappelijk risico wijzigingsbesluit

    Appellant is eigenaar van een woning en stelt een waardevermindering te hebben ondervonden als gevolg van de komst van een nieuw agrarisch bedrijf. Het agrarisch bedrijf is mogelijk gemaakt door een wijzigingsbesluit. Door het college is het normaal maatschappelijk risico vastgesteld op 4%. Het betreft een normaal maatschappelijke ontwikkeling en past in het meerjarig gemeentelijk ruimtelijk beleid, aldus het college.

Spring naar toolbar