Gloudemans uitsprakenUitspraken

Deskundigenkosten

Inleiding

Verzoekers worden in een planschade- of nadeelcompensatieprocedure in de praktijk vaak bijgestaan door juristen, maar ook door andere deskundigen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een hydroloog of een accountant. In deze blog probeer ik een overzicht te geven ten aanzien van het verzoek tot vergoeding van de deskundigenkosten.

Op basis van artikel 6.5 onder a Wet ruimtelijke ordening (hierna: Wro) kan in het geval van een planschadeverzoek een verzoek om vergoeding van deskundigenkosten worden ingediend. Bij nadeelcompensatie kan bijvoorbeeld op grond van artikel 10 van de beleidsregel nadeelcompensatie Infrastructuur en Waterstaat 2019 een verzoek om vergoeding van deskundigenbijstand worden ingediend.

In artikel 4:129 aanhef en onder a Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) is bepaald dat het bestuursorgaan ingeval van toewijzing van de aanvraag om nadeelcompensatie de redelijke kosten ter zake van deskundige bijstand vergoedt. Dit sluit zoals hieronder valt te zien aan bij de huidige praktijk van nadeelcompensatie en planschade.

Op dit moment is er een wetsvoorstel voorgelegd, dat strekt tot wijziging van de Awb en enkele andere wetten. Dit wetsvoorstel staat in het teken van twee belangrijke stelselwijzigingen: de bundeling en uniformering van het omgevingsrecht door middel van de nieuwe Omgevingswet (wet van 23 maart 2016, Stb. 2016, 156) en de codificatie en harmonisatie van het nadeelcompensatierecht via de Wet nadeelcompensatie en schadevergoeding bij onrechtmatige besluiten (wet van 31 januari 2013, Stb. 2013, 50, hierna: Wns). De stelselwijzigingen in het omgevingsrecht en het nadeelcompensatierecht hangen deels met elkaar samen: hoofdstuk 15 van de Omgevingswet zoals dat komt te luiden na inwerkingtreding van het wetsvoorstel Invoeringswet Omgevingswet bevat een specifiek op het omgevingsrecht toegesneden nadeelcompensatieregeling die enkele aanvullende regels bevat ten opzichte van de algemene regeling over nadeelcompensatie van titel 4.5 Awb. Op het moment dat artikel 4.5 Awb in werking treedt komen de bepalingen in de nadeelcompensatieverordeningen te vervallen.

Overzichtsuitspraak

Allereerst een kort overzicht van de jurisprudentie met betrekking tot artikel 6.5 onder a Wro zoals onder meer genoemd in de overzichtsuitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) van 28 september 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2582.

Geen vergoeding indien geen tegemoetkoming is toegekend
19 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:529

Redelijkerwijs gemaakte kosten worden, op verzoek, vergoed bij tegemoetkoming in planschade
12 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:450
18 juni 2014, ECLI:NL:RVS:2014:2162

Geen vergoeding van kosten verband houdende met indiening aanvraag
24 december 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4690

Tarieven Besluit proceskosten bestuursrecht zijn niet van toepassing op bepaling omvang voor vergoeding in aanmerking komende kosten als bedoeld in artikel 6.5 onder a Wro
12 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:450

Dubbele redelijkheidstoets bij kosten vanaf (concept)advies
12 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:450

Maatstaf redelijkheid inroepen deskundige
Mocht de aanvrager, gezien de feiten en omstandigheden zoals die bestonden ten tijde van de inroeping, ervan uitgaan dat de deskundige een relevante bijdrage zou leveren aan een voor hem gunstige beantwoording door het bestuursorgaan van een voor de beslissing op de aanvraag mogelijk relevante vraag (12 december 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BY5895).

Geen kostenvergoeding indien het ingebrachte advies afkomstig is van een persoon of instantie die als deskundig is aan te merken ter zake van de specifieke vragen die in de procedure aan de orde zijn, maar het door die deskundige uitgebrachte advies op geen van die specifieke vragen betrekking heeft (9 mei 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW5293).

Kosten van rechtsbijstand kunnen niet worden aangemerkt als deskundigenkosten
26 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:599

Geen vergoeding kosten optreden gemachtigde van aanvrager als deskundige
8 juli 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2148

Primaire fase

In deze blog draait het om de fase voorafgaand aan het door het bestuursorgaan te nemen primaire besluit. Dit is ook de fase waarover Gloudemans in de rol van deskundige dient te adviseren. Daarop volgt de procedure in bezwaar en beroep. In de artikelen 8:75, 7:15 lid 2 of 7:28 lid 2 Awb is dienaangaande een forfaitaire vergoedingsregeling opgenomen.
In de jurisprudentie lijkt er een onderscheid gemaakt te worden tussen de kosten van juridische bijstand en andere deskundige bijstand. In een uitspraak van de Afdeling van 7 november 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3601 wordt een toelichting gegeven. Ter zitting heeft de Afdeling het verschil aan de orde gesteld tussen het verlenen van deskundige rechtsbijstand, waartoe onder meer het opstellen van processtukken behoort, en het geven van “ander dan rechtskundig deskundig advies”, waartoe onder meer het opstellen van een advies of rapport behoort. De Afdeling overweegt dat de kosten voor verleende rechtsbijstand die zijn gemaakt in de primaire fase voor vergoeding in aanmerking komen als deze kosten naar hun aard en omvang redelijk zijn. De Afdeling betoogt dat het voor iemand die geen kennis heeft van het planschaderecht, het niet mogelijk is de juistheid van de in het conceptadvies neergelegde bevindingen te beoordelen. Daarom was het naar het oordeel van de Afdeling in dit geval redelijk dat het conceptadvies ter beoordeling is voorgelegd en acht de Afdeling in dit geval een vergoeding van 4 uren voor het opstellen van de zienswijze tegen een tarief van € 75,00 per uur redelijk.
In de primaire fase is het zo dat de indiener van een aanvraag ermee bekend is c.q. kan zijn dat er een onafhankelijke deskundige ingeschakeld moet worden door het bestuursorgaan. Om die reden wordt van een verzoeker verwacht dat hij het conceptadvies van de in te schakelen deskundige ontvangt alvorens hij zelf advies gaat inwinnen bij een eigen adviseur. Kosten gemaakt voor deskundigenbijstand vóór uitbrengen van het conceptadvies worden derhalve niet vergoed. Verwezen kan ook worden, onder de Wro, naar een uitspraak van de Rechtbank Rotterdam van 9 december 2010 zaaknummer Awb 10/943 WET-T1. De rechtbank wijst er in dit verband op dat de gemeente Westvoorne voor de aanvraag een eenvoudig aanvraagformulier hanteert en dat aan de onderbouwing van het verzoek geen zware eisen worden gesteld waaruit enige noodzaak voortvloeit om vooraf eigen deskundigen in te schakelen. Uitzondering op de hierboven omschreven hoofdregel bestaan. Indien op basis van het bepaalde in de betreffende planschade-procedureverordening bij de indiening van het verzoek van verzoeker een dermate actieve en specialistische inbreng wordt gevraagd, dan kan het inroepen van rechtsbijstand of een accountant in het kader van de vaststelling van de schade redelijk zijn. Vergelijk hiervoor een uitspraak van de Afdeling 16 april 2003, 200203851/1 en de uitspraak van de Afdeling 11 april 2007, 200603662/1.

Ten aanzien van de kosten die na het uitgebrachte conceptadvies zijn gemaakt dient te worden getoetst of het redelijk is dat er bijstand is ingeroepen en of de kosten gemaakt voor de bijstand in verhouding staan tot de verrichte werkzaamheden (dubbele redelijkheidstoets). Bij dat laatste element wordt gekeken naar het aantal uur dat is besteed door de deskundige en tegen welk uurtarief de werkzaamheden zijn verricht. Ook wordt er gekeken naar het totaal van de kosten en de verhouding met het gewicht van de zaak (hoeveel schadevergoeding wordt er bijvoorbeeld uitgekeerd). De uren die de deskundige aan de zaak heeft besteed, moeten in een redelijke verhouding staan tot de verrichte werkzaamheden. Hoe complexer de zaak hoe meer tijd de deskundige aan de zaak zal besteden. Daarnaast is het gedeclareerde uurtarief van belang. Een uurtarief van € 195,00 wordt door de Afdeling niet onevenredig hoog geacht (ABRS 24 september 2014, ECLI:NL:RVS:2014:3509). Uitzonderingen in meer complexe zaken daargelaten lijkt de Afdeling op basis van de gepubliceerde uitspraken een uurtarief tussen € 75,00 en € 175,00 redelijk te vinden. De Afdeling matigt in haar uitspraak van 21 september 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:2528) een uurtarief van € 225,00 naar € 175,00.

Indien een niet juridisch deskundige bijstand heeft verleend is van belang dat de aanvrager gelet op de feiten en omstandigheden op het moment dat de deskundige werd ingeroepen, ervan uit mocht gaan dat de deskundige een relevante bijdrage zou leveren aan een voor hem gunstige beantwoording door het bestuursorgaan van een voor de beslissing op de aanvraag mogelijk relevante vraag. Van belang daarbij is dat de deskundige wel geadviseerd heeft omtrent die specifieke vragen die in de kwestie aan de orde zijn. Wanneer het bestuursorgaan niet als beleid heeft om bij de beoordeling van een aanvraag zelf deskundigenadvies in te winnen en aanvrager schakelt zelf een deskundige in, dan kan er wel aanleiding zijn om die kosten te vergoeden.

  • 03-06-2020 / ABRS – deskundigenrapport

    Deze week een aantal uitspraken over de afwijzing van een verzoek om schadevergoeding van inwoners van Venlo. Zij hadden de voormalige minister van Infrastructuur en Milieu (nu: Infrastructuur en Waterstaat) gevraagd om de waardedaling van hun woning te compenseren als gevolg van het ‘tracébesluit Rijksweg A74’.

  • 27-05-2020 / ABRS – bewijslast

    Appellant heeft een verzoek om nadeelcompensatie ingediend wegens het verbod op gebruik als prostitutie-inrichting waardoor zijn panden in waarde zijn gedaald.

  • 20-05-2020 / ABRS – Hoogspanningsverbinding en woz-waarde

    Appellant is eigenaar van een woning op korte afstand van een hoogspanningsverbinding. De planologische wijziging heeft tot gevolg dat de zwaarte van de hoogspanningsverbinding zal toenemen van een gecombineerde 380/150 kV-lijn naar een 380/380 kV-lijn. De vraag staat centraal of appellant als gevolg van deze wijziging in een planologisch nadelige situatie is komen te verkeren.

  • 20-05-2020 / ABRS – voorzienbaarheid

    Bij besluit van 26 maart 2018 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat een verzoek om nadeelcompensatie in verband met het tracébesluit weguitbreiding Schiphol-Amsterdam-Almere afgewezen.

  • Besluit van 3 april 2020, nr. 2020000680 (Haarlemmermeer)

    Besluit van 3 april 2020, nr. 2020000680 tot aanwijzing van een onroerende zaak ter onteigening in de gemeente Haarlemmermeer krachtens artikel 78 van de Onteigeningswet (onteigeningsplan De Veldpost)

  • 29-04-2020 / ABRS – egalitébeginsel

    Namens de rechtsvoorganger van North Sea Port (beheerder en eigenaar van het havengebied Sloehaven ten oosten van Vlissingen) is een verzoek om nadeelcompensatie ingediend wegens de wijziging van de begrenzing van het Natura 2000-gebied “Westerschelde & Saeftinghe”. North Sea Port stelt als gevolg van wijzigingsbesluit 19,1 miljoen schade te lijden omdat het niet meer mogelijk is om perceel B3 te ontwikkelen en ter plaatse van B3 een nieuwe natte ontsluiting van het havengebied aan te leggen ten behoeve van de percelen B1 en B2.

  • Een omslag/verschuiving van passieve naar actieve grondpolitiek binnen de Wethoudersvereniging

    Binnen de Wethoudersvereniging zijn de wethouders het erover eens: actieve grondpolitiek is in bepaalde gevallen nodig. Een aantal jaren geleden gaven de bestuurders eerder de voorkeur aan een passieve grondpolitiek als uitgangspunt. Er is dus een verschuiving te herkennen van passieve naar actieve grondpolitiek.

  • 22-04-2020 / ABRS – Tijdsverloop beleidsvoornemen en schadebesluit

    Een eigenaar van een woning in de nabijheid van de Buitenring stelt schade te hebben geleden als gevolg van het Inpassingsplan “Buitenring Parkstad Limburg 2012”. Door de schadecommissie is geconcludeerd dat de eigenaar in een nadelige situatie is komen te verkeren. Van een tegemoetkoming in de schade is echter geen sprake omdat de schade voorzienbaar is. Toen de eigenaar de woning in 1970 kocht was op basis van het Streekplan 1962 sprake van voorzienbaarheid. De provincie heeft conform het advies de aanvraag afgewezen.

  • Theo Pruijn over werken in tijden van corona

    Theo Pruijn is sinds 1988 werkzaam bij Gloudemans als taxateur en rentmeester en heeft alles al een keer meegemaakt. Alles? Nou nee, zoiets als een corona-crisis heeft zelfs Theo in de 40 jaar dat hij werkt niet eerder gezien. Een mooi moment om hem te bevragen hoe hij tegen de corona-crisis aankijkt.

  • 08-04-2020 / ABRS – Aanvaardbare marge

    Door de adviseur van het college wordt de waarde vóór gewaardeerd op € 315.000,00 en de waarde ná op € 287.500,00, aldus een waardedaling van € 27.500,00. Appellante is de derdebelanghebbende die de planschade moet betalen en kan zich niet verenigen met de getaxeerde waardedaling. Daartoe schakelt appellante een deskundige in die de waardedaling waardeert op € 15.000,00, over de waarde vóór bestaat tussen partijen geen discussie.

  • Omgevingswet uitgesteld door Corona. Of speelt er meer?

    De invoering van de Omgevingswet is alweer uitgesteld. Op 1 april 2020 is de Tweede Kamer door minister Van Veldhoven voor Milieu en Wonen op de hoogte gebracht. Ondanks dat het 1 april was is het geen grap. Deze keer is het de Coronacrisis die de emmer doet overlopen. Door de samenloop van de grote inzet die van de overheden gevraagd wordt voor de implementatie van de Omgevingswet en de bestrijding van de Coronacrisis wil de minister niet langer vasthouden aan de invoeringsdatum van 1 januari 2020. Het bevoegd gezag kan zich nu eerst richten op het belangrijkste: De bestrijding van het Coronavirus.

  • Kun je als kluizenaar de wereld redden?

    Halverwege maart ben ik teruggekomen van de jaarlijkse Gloudemans wintersport. Onderweg naar de bergen, ter hoogte van de bruinkoolmijnen bij Jackerath, hoorden wij dat de coronamaatregelen in Nederland werden aangescherpt. Via het inmiddels krakende radiosignaal van Radio 2 werd duidelijk dat publieke bijeenkomsten werden verboden en dat er zoveel mogelijk vanuit huis moet worden gewerkt.

  • Planschadetsunami door thuiswerkend Nederland?

    Thuiswerkend Nederland zit achter de keukentafel, een bureau of in de tuin. Tussen het werken en videobellen door kan worden genoten van het uitzicht naar buiten. Wellicht valt juist nu op dat het nieuwe gebouw aan de overzijde toch wel erg groot is. De kans bestaat dat veel aanvragen om planschade worden ingediend. Tot wanneer dient een aanvraag om tegemoetkoming in de planschade in behandeling te worden genomen?

  • 25-03-2020 / ABRS – feitelijke uitvoeringswerkzaamheden

    Appellant heeft een tegemoetkoming in planschade gekregen vanwege het bestemmingsplan A2 Traverse. Daarnaast heeft appellante verzocht om compensatie van nadeel als gevolg van de feitelijke uitvoeringswerkzaamheden.

  • 25-03-2020 / ABRS – Overgangsrecht directe planschade

    In deze zaak staat ter discussie of bij directe planschade de gebruiksmogelijkheden onder het overgangsrecht dienen te worden betrokken. Appellant verwijst daartoe naar zeven uitspraken waaruit zou blijken dat overgangsrecht wél dient te worden betrokken. Op grond van die uitspraken zou onder meer rekening dienen te worden gehouden met het overgangsrecht omdat hiermee bij de schadetaxatie rekening wordt gehouden.

Spring naar toolbar