Gloudemans uitsprakenUitspraken

Planschade

12 juni 2019

12-06-2019 / ABRS – NMR en deskundigenkosten

Het normaal maatschappelijk risico in deze zaak was vastgesteld op de forfaitaire drempel van 2%. De Afdeling stelt vast dat het perceel de aanduiding "Extensiveringsgebied wonen" had, met als gevolg dat bij een afbouw van agrarische activiteiten binnen het gebied of ten behoeve van ruimtelijke kwaliteitswinst de bouw van een extra woning mogelijk was. Daarnaast is gebruikgemaakt van de zogenoemde "Ruimte-voor-Ruimte-regeling". Dat betekent naar oordeel van de Afdeling dat de ontwikkeling in ieder geval deels binnen het door de gemeente gevoerde beleid en in ieder geval ten dele in de lijn van de verwachtingen lag. Het normaal maatschappelijk risico van 2% kan daarom geen stand houden.

12-06-2019 / ABRS – Vermindering huur(waarde)

Het appartement van appellant werd op de peildatum bedrijfsmatig geëxploiteerd voor de verhuur. Door de planologische wijziging wordt (beperkte) overlast ondervonden. Door de deskundige is de schade bepaald door uit te gaan van een huurwaardeverlaging.

5 juni 2019

05-06-2019 / ABRS – Voorzienbaarheid

Het college heeft de voorzienbaarheid van de uitbreiding van het sportpark gebaseerd op de passage in de toelichting bij het bestemmingsplan en op het raadsvoorstel.

29 mei 2019

29-05-2019 / ABRS – Indeling in schadecategorieën

Door appellant wordt aangevoerd dat niet inzichtelijk is hoe de waarden van de woning tot stand zijn gekomen. De Afdeling analyseert de door de SAOZ gewaardeerde schade die neerkomt op een waardevermindering van de woning van ongeveer 4,6 procent. Dat betekent dat de waardevermindering zich in (de bovenkant van) de in de praktijk gehanteerde schadecategorie “enigszins nadelig” (met een waardevermindering van 1 tot 5 procent) bevindt.

14 mei 2019

01-05-2019 (publicatie 14-05-2019) / Rb Midden-Nederland – Overgangsrecht bij directe planschade

In deze zaak staat ter discussie of het overgangsrecht bij directe planschade dient te worden betrokken.

1 mei 2019

01-05-2019 / ABRS – Inschakeling taxateur en NMR

Door de planschadeadviseur is conform de procedureverordening een taxateur ingeschakeld om de waarde voor en waarde na vast te stellen. De taxateur is door de planschadeadviseur ingeschakeld. De Afdeling stelt vast dat op het college de plicht rust zich er onder meer van te vergewissen dat de door de adviseur ingeschakelde taxateur ter zake deskundig is en dat zijn advies zorgvuldig tot stand is gekomen.

01-05-2019 / ABRS – Burger-/bedrijfswoning

In deze zaak staat ter discussie of door de verkregen vrijstelling voor een burgerwoning, een negatieve invloed heeft op het bedrijf van appellant. De Afdeling stelt vast dat onder het oude planologische regime op het perceel waar met een vrijstelling een burgerwoning mogelijk is gemaakt, een bedrijfswoning kon worden gerealiseerd.

01-05-2019 / ABRS – NMR

Door de planschadeadviseur is geconcludeerd dat woningbouw in de betreffende kern in beginsel een normaal maatschappelijke ontwikkeling is en deze ontwikkeling past binnen het gevoerde beleid. Ondanks dat niet aan alle overige omstandigheden is voldaan betekent dit volgens de Afdeling dat de ontwikkeling in ieder geval deels in de lijn der verwachting lag. Reeds hierom kan de conclusie dat geen aanleiding bestaat een hoger normaal maatschappelijk risico dan het wettelijk minimumforfait van 2% aan te nemen, geen stand houden.

24 april 2019

24-04-2019 / ABRS – Verschil planschade en marktwaarde

In het planschaderecht is niet de feitelijke situatie van belang, waarop de marktwaarde wordt gebaseerd, maar de situatie zoals die planologisch kan zijn. Uitgegaan wordt van de maximale invulling van het oude en het nieuwe planologische regime. De redelijk denkend en handelend koper wordt in het planschaderecht geacht hiermee rekening te houden.

17 april 2019

17-04-2019 / ABRS – Vrijstelling en ruimtelijke onderbouwing

In een advies heeft de SAOZ het bestemmingsplan (nieuwe planologische situatie) vergeleken met een vrijstelling als bedoeld in artikel 19 van de voormalige WRO. De vrijstelling voorziet onder meer in een nieuwe zuidelijke ontsluiting van het bedrijf over een nieuwe brug en weg nabij het perceel van appellant.

17-04-2019 / ABRS – Voorzienbaarheid

Het betoog van appellant ziet op voorzienbaarheid.De Afdeling stelt dat de rechtbank met juistheid heeft geoordeeld dat (het college zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat) voor appellant ten tijde van de koop van zijn perceel op grond van het provinciale uitbreidingsplan aanleiding bestond om rekening te houden met de kans dat de planologische situatie ter plaatse in voor hem ongunstige zin zou veranderen.

10 april 2019

10-04-2019 / ABRS – Voorzienbaarheid en aankoop van overige erfgenamen

Door TOG Nederland is vastgesteld dat aanvrager op 8 maart 2005 voor 1/3 eigenaar van de woning is geworden door erfopvolging. Volgens TOG dient de voorzienbaarheid in het geval van eigendomsverkrijging door erfopvolging te worden beoordeeld naar het moment dat de erflater de koopovereenkomst sloot. Dit was op 24 maart 1977. Op dat moment was de ontwikkeling niet voorzienbaar. Voor het deel van de woning dat is verkregen door erfopvolging is dan ook geen actieve risicoaanvaarding tegengeworpen. Dit is volgens TOG anders wat betreft het overige deel van de woning dat appellant heeft gekocht van de overige erfgenamen. Op het moment dat dit deel werd geleverd, was de ontwikkeling bekend. Volgens TOG komt twee derde van het begrote nadeel dan ook niet voor tegemoetkoming in aanmerking.

3 april 2019

03-04-2019 / ABRS – evenementen in planologische vergelijking

Appellant betoogt dat de rechtbank niet heeft onderkend dat de JvO in de adviezen een onjuiste planvergelijking heeft gemaakt. Anders dan de rechtbank heeft geoordeeld, is ingevolge het nieuwe bestemmingsplan het gebruik ten behoeve van het houden van vijf evenementen toegestaan. Ten opzichte van het oude bestemmingsplan is dat een nadeel, aldus appellant.

03-04-2019 / ABRS – beoordeling afzonderlijke gevallen

Appellanten betogen dat de rechtbank niet heeft onderkend dat het college, gelet op de hoogte van de tegemoetkoming die aan de bewoners van de woning [locatie D] is toegekend, aan hen een te laag bedrag is toegekend. Zij verwijzen naar de second opinions.Appellanten vinden het onbegrijpelijk dat het planologisch nadeel slechts in geringe mate verschilt van het nadeel voor de woning [locatie D], terwijl zij in vergelijking met de bewoners van die woning worden geconfronteerd met een veel grotere beperking van het uitzicht.

03-04-2019 / ABRS – schadecategorie-indeling

In het advies heeft Thorbecke verwezen naar een schadecategorie-indeling met controlepercentages, waarbij een planologische verslechtering met de kwalificatie 'enigszins nadelig' met een waardevermindering in de categorie 1 tot 5 procent correspondeert en een planologische verslechtering met de kwalificatie 'zwaar' met een waardevermindering in de categorie 5 tot 10 procent.

  • Winssen, perceel akkerland/boomgaard (peren) aan de Koningstraat

    Te koop is een perceel akkerland/boomgaard (peren), ter grootte van 2.61.90 ha, gelegen aan de Koningstraat te Winssen.

  • Artikel “Zicht op voorzienbaarheid”

    In het vakblad Praktijk Omgevingsrecht van oktober 2019 is het artikel “Zicht op voorzienbaarheid” geplaatst, geschreven door Michelle Latour en Stijn Berns.

  • Besluit van 16 september 2019, nr. 2019001861 (West Betuwe)

    Besluit van 16 september 2019, nr. 2019001861 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeente West Betuwe krachtens artikel 72a van de Onteigeningswet (onteigening voor de realisering van het project Spooromgeving Geldermalsen, met bijkomende werken in de gemeente West Betuwe).

  • Besluit van 30 augustus 2019, nr. 2019001666 (Boekel)

    Besluit van 30 augustus 2019, nr. 2019001666 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeente Boekel krachtens artikel 72a van de Onteigeningswet (onteigening voor de aanleg van een randweg ten westen van Boekel (project Randweg Boekel), vanaf de kruising van de N605/Volkelseweg met de wegen Molenakker en Molenwijk tot de zuidelijke aansluiting van de weg Mutshoek op de N605, alsmede voor de aanleg van aansluitingen van de randweg op de wegen Neerbroek en Erpseweg, de aanleg van een parallelweg tussen de wegen Koesmacht en Lage Raam en Erpseweg en Het Goor, de aanleg van een nieuwe verbindingsweg naar het bedrijventerrein De Vlonder en de aanleg van een verbindingsweg tussen de wegen Leurke en Mutshoek, met bijkomende werken, in de gemeente Boekel).

  • Besluit van 30 augustus 2019, nr. 2019001739 (Zeewolde)

    Besluit van 30 augustus 2019, nr. 2019001739 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeente Zeewolde krachtens artikel 78 van de Onteigeningswet (onteigeningsplan bestemmingsplan Buitengebied 2016 van de gemeente Zeewolde).

  • Besluit van 16 september 2019,nr. 2019001862 (Westerkwartier)

    Besluit van 16 september 2019,nr. 2019001862 tot aanwijzing een onroerende zaak ter onteigening in de gemeente Westerkwartier krachtens artikel 72a van de Onteigeningswet (onteigening voor het project Extra Sneltrein Groningen-Leeuwarden, met bijkomende werken in de gemeente Westerkwartier).

  • Is een verzoek om nadeelcompensatie voorspelbaar geworden met de Handleiding nadeelcompensatie bij infrastructurele maatregelen?

    Alweer enige tijd geleden is een algemene nadeelcompensatieregeling opgenomen in de Algemene wet bestuursrecht. Die regeling is nog niet in werking getreden, omdat alle nadeelcompensatieregelingen in de bijzondere wetten gewijzigd dienen te worden. Daartoe is op 19 juli jl. een wetvoorstel aan de Tweede Kamer toegezonden. Door de minister wordt toegelicht dat alle toezeggingen aan het parlement zijn ingelost. Eén van de toezeggingen was om meer duidelijkheid te scheppen omtrent de voorspelbaarheid van de wijze waarop de overheid omgaat met verzoeken om nadeelcompensatie.

  • Besluit van 18 juli 2019, nr. 2019001436 (Aalsmeer)

    Besluit van 18 juli 2019, nr. 2019001436 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeente Aalsmeer krachtens artikel 78 van de Onteigeningswet, onteigeningsplan Green Park Aalsmeer Middenweg en deelgebieden 3, 5 en 7 (Middenweg-West).

  • 18-09-2019 / ABRS – NMR

    Appellant stelt schade te hebben geleden als gevolg van de herontwikkeling van een sportcomplex naar een woonwijk. Door het college is aan de besluitvorming ten grondslag gelegd dat de ontwikkeling in de lijn der verwachting lag omdat de ontwikkeling niet in strijd is met enig planologisch beleid. Volgens de Afdeling is deze motivering onvoldoende.

  • 04-09-2019 / ABRS – Beschrijving in hoofdlijnen

    Een eigenaar van een woning stelt schade te hebben geleden als gevolg van de komst van vijf nieuwe woningen. Ter discussie staat of onder het oude planologische regime nieuwvestiging van agrarische bedrijven is toegestaan.

  • Gloudemans is verhuisd

    Onze locatie in Rosmalen, waar wij meer dan 100 jaar waren gevestigd, werd te klein voor ons groeiende team. Wij hebben onze grenzen verlegd en zijn deze maand verhuisd naar Nuland in de gemeente ‘s-Hertogenbosch.

  • Gloudemans actief voor Samenloop voor Hoop Rosmalen

    Komend weekend loopt er een team van Gloudemans mee met de SamenLoop voor Hoop in Rosmalen. SamenLoop voor Hoop is een evenement van KWF voor iedereen die iets tegen kanker wil doen. Gedurende een 24-uurs wandelestafette staan we samen met lotgenoten stil bij kanker én vieren we het leven.

  • 28-08-2019 / ABRS – NMR

    Appellant heeft een planschadeaanvraag ingediend als gevolg van de verlening van twee projectbesluiten. De besluiten maken het planologisch mogelijk om een vleeskuikenhouderij onderscheidenlijk een bio-energiecentrale op te richten.

  • Deskundigenkosten

    Verzoekers worden in een planschade- of nadeelcompensatieprocedure in de praktijk vaak bijgestaan door juristen, maar ook door andere deskundigen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een hydroloog of een accountant. In deze blog probeer ik een overzicht te geven ten aanzien van het verzoek tot vergoeding van de deskundigenkosten.

  • 21-08-2019 / ABRS – Passieve risicoaanvaarding bij uit te werken bestemming

    In deze zaak werd een uit te werken bestemming voor woningbouw wegbestemd. Appellant stelt als gevolg daarvan directe planschade te hebben geleden. Het college heeft de aanvraag afgewezen omdat sprake zou zijn van passieve risicoaanvaarding.

Spring naar toolbar