Gloudemans uitsprakenUitspraken

Nadeelcompensatie

24 april 2019

24-04-2019 / ABRS – toegenomen concurrentie

Een rederij heeft een verzoek om nadeelcompensatie ingediend als gevolg van het feit dat ze vanaf 2012 niet meer mocht afmeren aan haar ponton bij de Veerstoep te Dieren ondanks dat er in 2015 aan de gemeente Rheden een vergunning is verleend voor een nieuwe aanlegsteiger op bijna dezelfde locatie. Sinds 2016 heeft de rederij haar exclusieve positie verloren omdat zij niet meer als enige gerechtigd is gebruik te maken van de nieuwe aanmeerkade. De minister heeft het verzoek afgewezen omdat de gestelde schade niet het gevolg is van zijn besluitvorming en/of handelen.

10 april 2019

10-04-2019 / ABRS – Schadebeperkend handelen

Een rederij heeft een verzoek om nadeelcompensatie ingediend als gevolg van het besluit waarmee het exploiteren van een ijsbaan is toegestaan op het water. De rederij verzorgt ter plaatse rondvaarten en kan door het besluit de normale route niet meer varen. Hierdoor is schade ondervonden.

10-04-2019 / ABRS – Connexiteit

Appellant heeft schade geleden als gevolg van de uitvoering van verschillende werkzaamheden ten behoeve van een herinrichting. Aan deze werkzaamheden liggen verkeersbesluiten ten grondslag en voor een gedeelte gaat het om de feitelijke werkzaamheden. De Afdeling stelt vast dat de gemeente ten tijde van belang noch een verordening noch een beleidsregel had waarin een grondslag werd geboden voor de vergoeding van nadeelcompensatie.

13 maart 2019

13-03-2019 / ABRS – Normaal maatschappelijk risico & concern

Appellant exploiteert een fastfoodrestaurant werkend volgens een franchiseformule in Breda. Appellant exploiteerde in totaal drie vestigingen. De gemeente Breda heeft Gloudemans verzocht om een onafhankelijk advies uit te brengen. Gloudemans heeft voor de beoordeling van de omvang van de omzetderving de zogenoemde concern-benadering met subsitutie-effect toegepast. Appellant is van oordeel dat de omzetderving en het normaal maatschappelijk risico niet op concernniveau dient te worden beoordeeld maar op vestigingsniveau.

6 maart 2019

06-03-2019 / ABRS – Regeling Tegemoetkoming Omwonenden Sanering Olasfa (de RTSO 2016)

Het college heeft aan appellante een tegemoetkoming op grond van de Regeling Tegemoetkoming Omwonenden Sanering Olasfa (hierna: de RTSO 2016) toegekend. De RTSO 2016 is een zogenoemde nadeelcompensatieregeling, bedoeld om degene die schade lijdt door de rechtmatige uitoefening van een taak of bevoegdheid in het kader van de sanering van het Olasfaterrein door de overheid, in aanmerking te brengen voor een tegemoetkoming, voor zover de geleden schade het normaal maatschappelijk risico te boven gaat.

27 februari 2019

27-02-2019 / ABRS – Waterwet, onderhoud watergang, afkalving grond

Appellant is eigenaar van een perceel van een watergang die door het waterschap wordt onderhouden met een klepelmaaier en maaikorf. Volgens appellant is de grens van zijn perceel geleidelijk verschoven waardoor 18,2 m² grond is afgekafd. Uitgaande van een grondprijs van € 330,00 per m² heeft appellant een totaalbedrag aan schade verzocht te vergoeden van € 6.006,00.Het college heeft besloten om € 660,00 te vergoeden. Anders dan verzoeker als uitgangspunt heeft genomen is de deskundige ervan uitgegaan dat de grond in de oude situatie niet mocht worden bebouwd. In de nieuwe situatie is de grond door de waterloop onbruikbaar zodat tot een vergoeding is gekomen van € 660,00.

30 januari 2019

30-01-2019 / ABRS – Nadeelcompensatie bij handhavend optreden

Appellant exploiteerde een viskiosk op de Haagse Markt in Den Haag. Voor deze kiosk was geen vergunning verleend zodat de viskiosk in het kader van een handhavingsactie (bestuursdwang) is verwijderd. In verband met de gemaakte kosten voor de verwijdering heeft appellante een verzoek om nadeelcompensatie ingediend.

30-01-2019 / ABRS – Verzilting, beoordeling causaal verband

Appellant heeft een verzoek om nadeelcompensatie ingediend in verband met ondervonden gewasschade. Als gevolg van de openstelling van de Katse Heule stelt appellant dat sprake is van verzilting waardoor gewasschade wordt ondervonden.

12 december 2018

12-12-2018 / ABRS – Permanente omrijschade, NMR

Een groothandel in aardappelen, groente en fruit heeft verzocht om vergoeding van omrijschade als gevolg van de afsluiting van de op- en afrit op de A59. De schade als gevolg van het omrijden is door de commissie berekend op basis van een door een verkeerskundige vastgesteld verkeersmodel. De rechtbank heeft reeds geoordeeld dat nader duidelijk dient te worden gemaakt waarom de schade is vastgesteld op basis van berekeningen van deskundigen en niet op basis van beschikbare feitelijke meetresultaten.

21 november 2018

21-11-2018 / ABRS – na-ijlen omzetderving

In verband met de reconstructie van de rondweg heeft de exploitant van een tankstation een verzoek om nadeelcompensatie ingediend. De SAOZ hanteert een na-ijlperiode van drie maanden na beeïndiging van de werkzaamheden waarin nog rekening wordt gehouden met omzetdaling.

19 september 2018

19-09-2018 / ABRS – voorzienbaarheid

Appellant heeft een verzoek om nadeelcompensatie ingediend omdat hij schade zou hebben geleden als gevolg van de door een Tracébesluit mogelijk gemaakte ondertunneling van de A2. In deze uitspraak herhaalt de Afdeling eerder gemaakte overweging omtrent de voorzienbaarheid.

5 september 2018

05-09-2018 / ABRS – schade afsluiting zuidelijke afrit Hoevelaken

Rabo Vastgoedgroep heeft verzocht om vergoeding van schade (waardevermindering) die zij stelt te lijden door de afsluiting van de zuidelijke afrit Hoevelaken van rijksweg A1. N.a.v. een tussenuitspraak van de Afdeling waarin is geoordeeld dat de zaak ten onrechte als een verzoek om planschade is behandeld heeft er een nieuwe beoordeling plaatsgevonden volgens de systematiek van het nadeelcompensatierecht.

22 augustus 2018

22-08-2018 / ABRS – verjaring

Appellant heeft een verzoek om nadeelcompensatie ingediend als gevolg van Tracébesluit “Omlegging Zuid-Willemsvaart Maas-Den-Dungen”. Als gevolg van de brug met vangrail is het bedrijf van appellant bij de Graafsebaan 55 minder goed zichtbaar. Verder hebben feitelijke werkzaamheden gezorgd voor tijdelijke inkomstenderving. Dit verzoek is ingediend nadat onderhandelingen met de gemeente Den Bosch over het verplaatsen van het bedrijf naar een andere locatie vanwege de aanleg van een ecologische verbindingszone zijn stopgezet.

25 juli 2018

25-07-2018 / ABRS – processuele connexiteit

De Afdeling stelt vast dat een verzoek om vergoeding van schade veroorzaakt door het geven van een onjuiste uitleg door de gemeente aan derden niet een verzoek om nadeelcompensatie is, maar een verzoek om schadevergoeding wegens onrechtmatig overheidshandelen.

9 juli 2018

09-07-2018 / RB Gelderland- nadeelcompensatie als gevolg van peilbesluit

Eisers hebben een aanvraag om schadevergoeding ingediend vanwege vernatting veroorzaakt door een peilbesluit dat ziet op het gebied van de Rijnstrangen.

  • De woz-waarde in het bestuursrechtelijk schadevergoedingsrecht

    Regelmatig wordt in een planschade- of nadeelcompensatieprocedure, de woz-waarde van een woning “ingebracht”. Veelal komt dit uit de koker van de aanvrager die zich wellicht afvraagt waarom hetzelfde bestuursorgaan ten aanzien van de te heffen belasting een hogere waarde hanteert dan in de schadeprocedure.

  • 15-07-2020 / ABRS – feitelijk handelingen / referentiejaar

    Appellante heeft een aanvraag ingediend om nadeelcompensatie en tegemoetkoming in planschade in verband met de herontwikkeling van het Raadhuisplein. Bij besluit van 16 augustus 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Smallingerland appellante een vergoeding van € 20.434,00 als nadeelcompensatie voor het jaar 2012 toegekend en een aanvraag om tegemoetkoming in planschade afgewezen. Volgens het college is de planologische situatie voor appellante niet verslechterd. De bereikbaarheid van het bedrijfspand is niet verminderd en de parkeervoorzieningen zijn eerder verbeterd dan verslechterd.

  • 15-07-2020 / ABRS – rekenmethode / normaal maatschappelijk risico

    Appellante is eigenaar van een aantal percelen en heeft deze percelen in gebruik ten behoeve van een agrarisch bedrijf. Zij heeft een verzoek om nadeelcompensatie ingediend, verband houdende met de peilopzet van de Maas en de vernatting van de percelen. Dit verzoek is afgewezen. Appellante betoogt dat de minister heeft miskend dat de adviescommissie de verkeerde rekenmethode heeft toegepast bij het bepalen van het oorzakelijk verband tussen de peilopzet en de gestelde schade.

  • 15-07-2020 / ABRS – Nadere motivering woz-waarde

    De Afdeling had eerder geoordeeld dat het college binnen een gestelde termijn een motivering diende te verstrekken tussen de vastgestelde waarden in het kader van de beoordeling van de planschade en de vastgestelde woz-waarden. Die termijn is opgebruikt verstreken. Het college heeft ook niet om verlenging van deze termijn gevraagd.

  • 15-07-2020 / ABRS – Maximaal planologische invulling milieuaspecten

    Appellant wordt geconfronteerd met een vergroting van een agrarisch bouwblok in de directe nabijheid. Ter discussie staat de maximaal planologische invulling voor de geuroverlast.

  • 08-07-2020 / ABRS – Second opinion

    Appellant kan zich niet verenigen met het deskundigenadvies van de SAOZ dat de gemeente aan haar besluit ten grondslag heeft gelegd. In hoger beroep is een second opinion van Gloudemans overgelegd.

  • 08-07-2020 / ABRS – Beoordeling schadefactoren

    Appellant kan zich niet verenigen met het deskundigenadvies dat de gemeente aan haar besluit ten grondslag heeft gelegd. In beroep is een second opinion overgelegd.

  • 01-07-2020 / ABRS – Normaal maatschappelijk risico

    Het normaal maatschappelijk risico is vastgesteld op 4% van de waarde van de woning. Daardoor resteert van de waardedaling van € 15.000,00, € 4.600,00 aan tegemoetkoming in de planschade. De derdebelanghebbende kan zich hier niet mee verenigen en heeft bij de Afdeling aangevoerd dat een normaal maatschappelijk risico van 5% aan de orde dient te zijn.

  • 03-06-2020 / ABRS – deskundigenrapport

    Deze week een aantal uitspraken over de afwijzing van een verzoek om schadevergoeding van inwoners van Venlo. Zij hadden de voormalige minister van Infrastructuur en Milieu (nu: Infrastructuur en Waterstaat) gevraagd om de waardedaling van hun woning te compenseren als gevolg van het ‘tracébesluit Rijksweg A74’.

  • 27-05-2020 / ABRS – bewijslast

    Appellant heeft een verzoek om nadeelcompensatie ingediend wegens het verbod op gebruik als prostitutie-inrichting waardoor zijn panden in waarde zijn gedaald.

  • 20-05-2020 / ABRS – Hoogspanningsverbinding en woz-waarde

    Appellant is eigenaar van een woning op korte afstand van een hoogspanningsverbinding. De planologische wijziging heeft tot gevolg dat de zwaarte van de hoogspanningsverbinding zal toenemen van een gecombineerde 380/150 kV-lijn naar een 380/380 kV-lijn. De vraag staat centraal of appellant als gevolg van deze wijziging in een planologisch nadelige situatie is komen te verkeren.

  • 20-05-2020 / ABRS – voorzienbaarheid

    Bij besluit van 26 maart 2018 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat een verzoek om nadeelcompensatie in verband met het tracébesluit weguitbreiding Schiphol-Amsterdam-Almere afgewezen.

  • Besluit van 3 april 2020, nr. 2020000680 (Haarlemmermeer)

    Besluit van 3 april 2020, nr. 2020000680 tot aanwijzing van een onroerende zaak ter onteigening in de gemeente Haarlemmermeer krachtens artikel 78 van de Onteigeningswet (onteigeningsplan De Veldpost)

  • 29-04-2020 / ABRS – egalitébeginsel

    Namens de rechtsvoorganger van North Sea Port (beheerder en eigenaar van het havengebied Sloehaven ten oosten van Vlissingen) is een verzoek om nadeelcompensatie ingediend wegens de wijziging van de begrenzing van het Natura 2000-gebied “Westerschelde & Saeftinghe”. North Sea Port stelt als gevolg van wijzigingsbesluit 19,1 miljoen schade te lijden omdat het niet meer mogelijk is om perceel B3 te ontwikkelen en ter plaatse van B3 een nieuwe natte ontsluiting van het havengebied aan te leggen ten behoeve van de percelen B1 en B2.

  • Een omslag/verschuiving van passieve naar actieve grondpolitiek binnen de Wethoudersvereniging

    Binnen de Wethoudersvereniging zijn de wethouders het erover eens: actieve grondpolitiek is in bepaalde gevallen nodig. Een aantal jaren geleden gaven de bestuurders eerder de voorkeur aan een passieve grondpolitiek als uitgangspunt. Er is dus een verschuiving te herkennen van passieve naar actieve grondpolitiek.

Spring naar toolbar