Gloudemans uitsprakenUitspraken

Nadeelcompensatie

12 augustus 2020

12-08-2020 / ABRS / deskundigenadvies

Appellant verzoekt om schadevergoeding vanwege het Tracébesluit dat onder meer de aanleg van de A74 tussen de A73-Zuid en de Duitse grens mogelijk heeft gemaakt. De adviseur concludeert dat de schade volledig onder het normaal maatschappelijk risico valt. Appellant voert aan dat onvoldoende rekening is gehouden met de toename van de geluidbelasting en dat de adviseur in 9 van de 12 taxaties concludeert dat de waardevermindering € 5.000,00 bedraagt.

15 juli 2020

15-07-2020 / ABRS – feitelijk handelingen / referentiejaar

Appellante heeft een aanvraag ingediend om nadeelcompensatie en tegemoetkoming in planschade in verband met de herontwikkeling van het Raadhuisplein. Bij besluit van 16 augustus 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Smallingerland appellante een vergoeding van € 20.434,00 als nadeelcompensatie voor het jaar 2012 toegekend en een aanvraag om tegemoetkoming in planschade afgewezen. Volgens het college is de planologische situatie voor appellante niet verslechterd. De bereikbaarheid van het bedrijfspand is niet verminderd en de parkeervoorzieningen zijn eerder verbeterd dan verslechterd.

15-07-2020 / ABRS – rekenmethode / normaal maatschappelijk risico

Appellante is eigenaar van een aantal percelen en heeft deze percelen in gebruik ten behoeve van een agrarisch bedrijf. Zij heeft een verzoek om nadeelcompensatie ingediend, verband houdende met de peilopzet van de Maas en de vernatting van de percelen. Dit verzoek is afgewezen. Appellante betoogt dat de minister heeft miskend dat de adviescommissie de verkeerde rekenmethode heeft toegepast bij het bepalen van het oorzakelijk verband tussen de peilopzet en de gestelde schade.

3 juni 2020

03-06-2020 / ABRS – deskundigenrapport

Deze week een aantal uitspraken over de afwijzing van een verzoek om schadevergoeding van inwoners van Venlo. Zij hadden de voormalige minister van Infrastructuur en Milieu (nu: Infrastructuur en Waterstaat) gevraagd om de waardedaling van hun woning te compenseren als gevolg van het 'tracébesluit Rijksweg A74'.

27 mei 2020

27-05-2020 / ABRS – bewijslast

Appellant heeft een verzoek om nadeelcompensatie ingediend wegens het verbod op gebruik als prostitutie-inrichting waardoor zijn panden in waarde zijn gedaald.

20 mei 2020

20-05-2020 / ABRS – voorzienbaarheid

Bij besluit van 26 maart 2018 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat een verzoek om nadeelcompensatie in verband met het tracébesluit weguitbreiding Schiphol-Amsterdam-Almere afgewezen.

29 april 2020

29-04-2020 / ABRS – egalitébeginsel

Namens de rechtsvoorganger van North Sea Port (beheerder en eigenaar van het havengebied Sloehaven ten oosten van Vlissingen) is een verzoek om nadeelcompensatie ingediend wegens de wijziging van de begrenzing van het Natura 2000-gebied “Westerschelde & Saeftinghe”. North Sea Port stelt als gevolg van wijzigingsbesluit 19,1 miljoen schade te lijden omdat het niet meer mogelijk is om perceel B3 te ontwikkelen en ter plaatse van B3 een nieuwe natte ontsluiting van het havengebied aan te leggen ten behoeve van de percelen B1 en B2.

25 maart 2020

25-03-2020 / ABRS – feitelijke uitvoeringswerkzaamheden

Appellant heeft een tegemoetkoming in planschade gekregen vanwege het bestemmingsplan A2 Traverse. Daarnaast heeft appellante verzocht om compensatie van nadeel als gevolg van de feitelijke uitvoeringswerkzaamheden.

18 maart 2020

18-03-2020 / ABRS – onevenredig zwaar getroffen

Appellant is drijver van een standplaats voor beenmode op de Haagse Markt. Wegens tijdelijke verplaatsing van de markt en een tijdelijke standplaats is verzocht om nadeelcompensatie. Het college heeft het verzoek afgewezen omdat het aanwijzen van een locatie voor een tijdelijke markt gezien moet worden als normaal ondernemersrisico.

22 januari 2020

22-01-2020 / ABRS – onzorgvuldig handelen

Appellant, een restaurant in Hoofddorp, heeft een verzoek om nadeelcompensatie ingediend vanwege reconstructiewerkzaamheden als gevolg waarvan de rechtstreekse toegang tot het restaurant is afgesloten.

15 januari 2020

15-01-2020 / ABRS – advies deskundigencommissie

Appellant claimt schade aan zijn woning (scheur- en schimmelvorming) als gevolg van werkzaamheden van het waterschap aan de Elsbemden te Maasbree. In hoger beroep draait het om de vraag of het verzoek afgewezen mocht worden op basis van het advies van de deskundigencommissie.

24 december 2019

24-12-2019 / ABRS – normaal maatschappelijk risico

Liander heeft op verzoek van het college van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland kabels verlegd wegens de aanpassingen aan de N23 Westfrisiaweg en vervolgens een verzoek om nadeelcompensatie ingediend. Een deel van dit verzoek is gehonoreerd. Een deel is afgewezen onder verwijzing naar de Schadevergoedingsregeling verlegging kabels en leidingen buiten het beheergebied van de Provincie Noord-Holland.

11 december 2019

11-12-2019 / ABRS – causaal verband

Appellant heeft een verzoek om schadevergoeding ingediend vanwege het Tracébesluit N18 Varsseveld – Enschede dat voorziet in de aanleg van het nieuwe Tracé N19 in de nabijheid van zijn bedrijfswoningen. Er is een stuk van zijn grond aangekocht dat benodigd was voor aanleg van het Tracé. Appellant stelt waardevermindering van zijn bedrijfswoningen en agrarisch bedrijf. Omdat dit rechtstreeks voortvloeit uit de nieuwe planologische grondslag (het Tracébesluit) wordt het beoordeeld naar de maatstaven voor tegemoetkoming in planschade.

4 december 2019

04-12-2019 / ABRS –

Appellant heeft een schadevergoeding ontvangen in verband met de komst van de polderbaan, mogelijk gemaakt door het bestemmingsplan Schiphol-West en omgeving.

6 november 2019

06-11-2019 / ABRS – voorzienbaarheid

Een door restaurant Casa Don Arroyo, eigenares van het pand aan de Graafsebaan 42 te Rosmalen, ingediend verzoek om schadevergoeding is afgewezen. Het verzoek ziet op het Tracébesluit Omlegging Zuid-Willemsvaart Maas-Den Dungen. Naar het oordeel van de Afdeling is onvoldoende draagkrachtig gemotiveerd dat de inwerkingtreding van het Tracébesluit niet tot een planologische verslechtering voor Casa Don Arroyo en waardevermindering van het pand heeft geleid omdat in het aanvullend advies geen rekening is gehouden met de parkeergelegenheid in de nabijheid van het pand.

  • 11-08-2021 / ABRS – indirecte beperking ontwikkelingsmogelijkheden

    Appellant is eigenaar van twee percelen braakliggende tuinbouwgrond van in totaal circa 2,5 ha. Op grond van zowel het oude als nieuwe planologische regime is glastuinbouwbedrijf toegestaan indien ten minste 1,5 ha aan kassen op het perceel wordt gerealiseerd. Appellant is van oordeel dat sprake is van een waardedaling van zijn percelen omdat de wijziging van de naastgelegen glastuinbouwgronden naar een bedrijfsbestemming en samenvoeging met andere agrarische gronden niet meer mogelijk is waardoor een volwaardig glastuinbouwbedrijf onmogelijk is geworden.

  • 28-07-2021 / ABRS – Compensatie in natura

    Appellant is eigenaar van een woning. Als gevolg van een planologische wijziging is er sprake van een waardevermindering van de woning. Eerder heeft de Afdeling vastgesteld dat er sprake is van planschade als gevolg van de inwerkingtreding van het nieuwe bestemmingsplan. Vanwege het feit dat het college in latere vergelijkbare planschadezaken heeft aangegeven eventuele planschade te willen compenseren in natura, heeft de Afdeling het college de mogelijkheid gegeven om een nieuw besluit op bezwaar te nemen.

  • 28-07-2021 / ABRS – Voorzienbaarheid en normaal maatschappelijk risico

    De aanvrager is eigenaar van een woning. Als gevolg van een planologische wijziging wordt er een weg gerealiseerd op een in de buurt van de woning gelegen gebied, waardoor er sprake is van een waardevermindering van de woning. Het college heeft zich, in afwijking van hetgeen de schadecommissie heeft geadviseerd, op het standpunt gesteld dat de planologische ontwikkeling ten tijde van de aankoop van de woning voorzienbaar was. Voor het geval de planologische ontwikkeling voor de aanvrager ten tijde van de aankoop van de woning niet voorzienbaar was, heeft het college, eveneens in afwijking van het advies van de schadecommissie, de omvang van het normaal maatschappelijk risico vastgesteld op 3% van de waarde van de woning. In geschil is de voorzienbaarheid en de hoogte van het normaal maatschappelijk risico.

  • 14-07-2021 / ABRS – Directe planschade milieucategorie

    Appellant is eigenaar van een perceel en opstallen van een bedrijfsobject. Waar voorheen geen beperking gold van de ter plaatse maximaal toegestane milieucategorieën is onder het nieuwe regime een specifieke bedrijfsactiviteit binnen categorie 4.2 toegestaan en voor het overige enkel de milieucategorieën 1 en 2. Op een ander deel van het perceel is maximaal categorie 3.1 toegestaan.

  • 14-07-2021 / ABRS – Huurwaardekapitalisatiemethode

    Appellant is eigenaar van een horecaobject waar door de planologische wijziging meer bebouwing mogelijk wordt gemaakt waardoor de onderneming minder zichtbaar is vanaf het plein en de bezonning op het terras afneemt. Ter discussie staat de in de waardering gebruikte huurwaardekapitalisatiefactor.

  • 30-06-2021 / ABRS – ontbreken rechtstreeks oorzakelijk verband

    Appellante is sinds 12 februari 1997 eigenares van een perceel met recreatiewoning. Op grond van het planologisch regime heeft de recreatiewoning de bestemming “Zomerhuis”.
    In 2007 heeft appelante de gemeenteraad verzocht de bestemming te wijzigen in “Wonen”. De gemeente heeft de aanvraag op 26 juni 2013 afgewezen. De afwijzing van de gemeente heeft bij de uitspraak van de Afdeling van 22 april 2015 (ECLI:NL:RVS:2015:1311) stand gehouden.

  • 30-06-2021 / ABRS – Deskundigenkosten

    Ter discussie staan de deskundigenkosten van appellant. Door de deskundige van appellant zijn 7,7 uren ingediend voor de reactie op het conceptadvies en 6,1 uren voor een reactie op het definitieve advies. Het uurtarief dat de deskundige heeft gehanteerd is € 125,00. Het college acht dat het redelijk is om in totaal 8 uren te vergoeden tegen een tarief van € 75,00.

  • 30-06-2021 / ABRS – Wijziging overgangsrecht

    Appellant is eigenaar van een woning. Die woning is vergund als burgerwoning. In 1992 is de grond bestemd voor agrarische doeleinden en was gebruik als woning in planologische zin niet toegestaan. Het gebruik als burgerwoning is onder het overgangsrecht komen te vallen. Onder het nieuwe planologische regime is de woning bestemd als bedrijfswoning. Appellant stelt hierdoor schade te hebben geleden.

  • 23-06-2021 / ABRS – Vergelijkingsmaatstaf

    Bij besluit heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat het verzoek van appellant om vergoeding van schade als gevolg van het Luchthavenbesluit Lelystad afgewezen. Volgens de minister heeft de rechtbank in de einduitspraak ten onrechte overwogen dat het Luchthavenbesluit voor het eerst het gebruik van Lelystad Airport als burgerluchthaven mogelijk maakt. Het Luchthavenbesluit maakt de groei van de luchthaven Lelystad tot grote regionale luchthaven voor vakantievluchten mogelijk. Dit rechtvaardigt volgens de minister niet de door de rechtbank voorgestane vergelijking, omdat een vergelijking van opeenvolgende rechtsregimes mogelijk is. Daarnaast heeft de rechtbank miskend dat de minister terecht de verandering in de feitelijke geluidsituatie bij haar oordeel heeft betrokken.

  • 16-06-2021 / ABRS – Benoeming, Geluid, Taxatie

    Appellant stelt schade te hebben geleden als gevolg van de komst van de A4. Naar aanleiding van de uitspraak van de rechtbank had de minister de commissie uitgebreid met een taxateur. Niet is gebleken dat de minister appellant op voorhand op de hoogte had gesteld van de benoeming van die taxateur. Daarmee is de beleidsregel geschonden. Dit gebrek wordt gepasseerd omdat niet gebleken is dat de minister alsdan een andere taxateur zou hebben benoemd.

  • 09-06-2021 / ABRS – Directe planschade en overgangsrecht

    Deze uitspraak is een vervolg op een eerdere tussenuitspraak van de Afdeling waarin is overwogen dat bij een nieuwe uit te werken bestemming de uitwerkingsplicht en de uitwerkingsregels niet in de planvergelijking dienen te worden betrokken. Dat betekent echter niet dat het bouwverbod en het wegbestemmen van het agrarische gebruik niet bij de planvergelijking moeten worden betrokken.

  • 09-06-2021 / ABRS – Doorbreking voorzienbaarheid

    De eigenaar van de onroerende zaak had de mogelijkheid om een tweede recreatiewoning te realiseren. Met de komst van een nieuw bestemming is deze mogelijkheid wegbestemd. Het college is van oordeel dat sprake is van voorzienbaarheid omdat in de Omgevingsverordening van de provincie reeds stond opgenomen dat een extra recreatiewoning niet langer was toegestaan en vervolgens geen concrete pogingen zijn ondernomen.

  • 09-06-2021 / ABRS – Verwachtingswaarde, compensatie in natura en inkomensschade

    Appellant is eigenaar van een voormalige suikerfabriek en geconfronteerd met beperkende gevolgen van het Luchtvaartindelingsbesluit.

    Appellant stelt dat bij de waardering van de suikerfabriek dient te worden betrokken de verwachtingswaarde van het toekomstige gebruik op basis van de verschillende beleidsstukken die reeds waren gepubliceerd. De Afdeling volgt dit betoog niet en overweegt dat geen rekening dient te worden gehouden met de verwachtingswaarde van het toekomstige gebruik waarvoor een bestemmingsplanwijziging nodig is. De situatie op de peildatum is bepalend.

  • 09-06-2021 / ABRS – causaal verband

    Bij besluit heeft het Waterschap Aa en Maas het verzoek om nadeelcompensatie van appellante afgewezen wegens het ontbreken van een causaal verband. Appellante exploiteert een varkensfokkerij. Zware regenval heeft geleid tot wateroverlast op enkele agrarische percelen van appellante. De schade in de vorm van een verminderde opbrengst van maïs- en bietengewassen bedraagt € 7.500,00 exclusief btw. Appellante stelt dat achterstallig onderhoud, onvoldoende afvoercapaciteit van de watergangen en het peilbeheer oorzaken zijn van de overstroming en wateroverlast op de percelen.

  • 26-05-2021 / ABRS – Normaal maatschappelijk risico

    Appellant is eigenaar van een perceel met een woning. Door de wijziging van het planologisch regime is de mogelijkheid tot het realiseren van meerdere woningen op het perceel komen te vervallen. Door de SAOZ is geconcludeerd dat sprake is van een waardedaling van € 50.000,00. Voorts is een korting van 20% gehanteerd (overeen komende met een drempel van 2,1%) voor het normaal maatschappelijk risico. De aard van de ontwikkeling – te weten het in een zogenoemd anticipeergebied beperken van de mogelijkheden voor nieuwbouw van woningen en meer in het bijzonder het daarbij schrappen van al sinds jaar en dag onbenutte bouwmogelijkheden voor woningen – is in zijn algemeenheid aan te merken als normaal maatschappelijke ontwikkeling, waarmee in abstracto rekening diende te worden gehouden.

Spring naar toolbar