Gloudemans uitsprakenUitspraken

Aanbesteding en staatssteun

Aanbesteding in het kader van gebiedsontwikkeling
Gebiedsontwikkeling kenmerkt zich grofweg in drie hoofdactiviteiten, namelijk de planontwikkeling, grondexploitatie en opstalexploitatie. Bij planontwikkeling gaat het kortweg om ‘tekenen en rekenen’. Bij grondexploitatie gaat het met name om het bouw- en woonrijp maken en de aanleg van infrastructuur en (overige) openbare gronden. De opstalexploitatie heeft daarentegen met name betrekking op het realiseren van vastgoed op de bouwkavels. De planontwikkeling valt in beginsel onder het regime van de aanbesteding van diensten. Indien sprake is van werken die economisch en/of technisch een eenheid vormen, moeten die kosten mogelijk bij elkaar worden opgeteld en vallen deze onder de aanbestedingsregels voor diensten.

Afhankelijk van het bedrag is het gemeentelijk, provinciaal of Europese aanbestedingsbeleid van toepassing. Indien (de som van) de kosten het Europese drempelbedrag overschrijden, is een dienst op grond van de Europese regelgeving aanbestedingsplichtig. Openbare werken boven de Europese drempel dienen eveneens te worden aanbesteed. Onder voorwaarden kan de overheid er, op grond van het concessiemodel, voor kiezen afspraken te maken met de marktpartij over het aanleggen van de openbare ruimte binnen het plangebied door deze marktpartij. Afspraken hierover kunnen worden vastgelegd in een concessieovereenkomst.

Staatssteun in het kader van gebiedsontwikkeling
Een niet marktconforme grondprijs voor gronden, kan leiden tot problemen met zowel het aanbestedingsrecht als regelgeving op het gebied van staatssteun. Er is sprake van staatssteun als de begunstigde ondernemer economisch voordeel ontvangt die hij onder normale marktomstandigheden niet zou hebben gehad. Het gaat daarbij om een situatie waarbij een overheid eenzijdig een voordeel verstrekt, zonder dat de ondernemer een directe of gelijkwaardige tegenprestatie verleent voor de betaling of prestatie van de overheid. Ook kan staatssteun ontstaan bij een eventuele tekortfinanciering of bijdrage van de overheid bij een ontwikkeling.

Om staatssteun te voorkomen is het belangrijk dat grondtransacties geschieden tegen marktconforme voorwaarden en de werkzaamheden worden verricht tegen marktconforme vergoedingen. Een marktconforme waarde van gronden en gebouwen kan bepaald worden door een openbare biedprocedure of een voorafgaande onafhankelijke taxatie. Er is geen sprake van staatssteun indien het voordeel voor een marktpartij niet meer bedraagt dan € 200.000,00 over maximaal drie jaar per onderneming, de zogenaamde ‘minimisregeling’.

Wat kunnen wij voor u betekenen?
Wij hebben uitgebreide kennis van de regels en jurisprudentie omtrent aanbesteding en staatssteun. Gloudemans kan u dan ook adviseren over de (on)mogelijkheid van een financiële bijdrage door de overheid aan een gebiedsontwikkeling, mede doordat wij in staat zijn u te voorzien van een onafhankelijke taxatie. Wanneer u bijvoorbeeld vragen heeft of de afspraken die u met een marktpartij wil maken aanbestedingsplichtig is, kunnen wij u van dienst zijn.

Meer informatie?
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Frederik de Bruijne.

  • Oirschot en Oost-, West- en Middelbeers, pachtgrond bij inschrijving

    Bij inschrijving worden in pacht aangeboden de percelen cultuurgrond, gelegen aan de Bestseweg (kavel 1), nabij De Geer (kavel 2), Kempenweg (kavel 3), Koningshof (kavel 4) te Oirschot, en Hillestraat (kavel 5) te Oost-, West- en Middelbeers.

    De inschrijving eindigt op 27 januari 2021 om 12.00 uur.

  • 23-12-2020 / ABRS – Publicatie beleidsvoornemen

    Appellant is eigenaar van een perceel op het industrieterrein van Schagerbrug. Als gevolg van een planologische wijziging waren de bouwmogelijkheden op dat perceel beperkt. Niet in geschil is dat het voorontwerp bestemmingsplan voldoende is om voorzienbaarheid tegen te werpen. Het voorontwerp is vanaf 10 maart 2011 ter inzage gelegd en voorafgaand daaraan zijn folders verspreid om het voorontwerp onder de aandacht te brengen. De vraag staat centraal of op basis van deze openbaarmaking aanleiding bestond om er rekening mee te houden dat het voorontwerp betrekking heeft op het gebied waar het perceel is gelegen en dat daarom van appellant mocht worden verwacht dat hij het voorontwerp zou raadplegen.

  • 16-12-2020 / ABRS – Schadetaxatie

    Door de adviseur van het college is vastgesteld dat de waarde van de woning van appellant van € 625.000,00 naar € 613.000,00 is gedaald. Deze waardedaling valt onder het wettelijk forfait voor het normaal maatschappelijk risico. Nadien is gebleken dat de woning voor € 471.500,00 is verkocht. Omdat dit bedrag sterk afwijkt van de taxatie heeft het college een nieuw advies gevraagd bij een andere deskundige. Die deskundige stelt vast dat de woning onder het oude planologische regime een waarde had van € 440.000,00. De waardedaling zou voorts niet meer bedragen dan het wettelijk forfait, zodat geen aanspraak bestaat op een tegemoetkoming in de planschade.

  • Hoe planschade beter overeenkomt met de feitelijke situatie

    Sinds 2008 wil de wetgever af van planschadevergoedingen voor planschade die voortvloeit uit een nog nader uit te werken bestemming. Mijn collega Klaas Verbeek heeft in zijn vorige blog een introductie geschreven over de flexibiliteit van de planschadebeoordeling. Ik neem het stokje over en ga in op wat de komst van het zesde lid in artikel 6.1 van de Wro voor gevolgen heeft gehad op planschade.

  • Simpele groenstrookjes, ingewikkelde discussiepunten

    Vaak gaat het over kleine stukjes en dus ook niet over grote bedragen: reststroken taxeren. Het lijkt zo eenvoudig, maar vaak is het dat niet. Iedere situatie is namelijk anders en leidt tot een ander gesprek met de potentiële kopers in kwestie. Daarom krijgen wij geregeld vragen en taxatieverzoeken van gemeenten die stoeien met hun reststrokenbeleid. Om een idee te geven hoe de waardering van die paar vierkante meter tot stand komt, bespreek ik vier zaken waar we zoal rekening mee houden.

  • 02-12-2020 / ABRS – Zekerheid grenzende waarschijnlijkheid milieuruimte

    Appellant is eigenaar van een agrarisch bedrijf in het buitengebied van Lelystad. In de nabijheid van dit bedrijf is een diergeneeskundig instituut gevestigd. Daartoe is in een nieuw planologisch regime opgenomen dat evenhoevigen niet langer zijn toegestaan.

  • 25-11-2020 / ABRS – Normaal maatschappelijk risico wijzigingsbesluit

    Appellant is eigenaar van een woning en stelt een waardevermindering te hebben ondervonden als gevolg van de komst van een nieuw agrarisch bedrijf. Het agrarisch bedrijf is mogelijk gemaakt door een wijzigingsbesluit. Door het college is het normaal maatschappelijk risico vastgesteld op 4%. Het betreft een normaal maatschappelijke ontwikkeling en past in het meerjarig gemeentelijk ruimtelijk beleid, aldus het college.

  • FD Gazellen Award 2020

    Wij werken voor veel opdrachtgevers aan een beter en mooier Nederland. Dat steeds meer opdrachtgevers onze aanpak waarderen blijkt wel uit het feit dat wij dit jaar zijn beloond met een FD Gazellen Award. De FD Gazellen Award is een prestigieuze prijs die door het Financieel Dagblad aan de snelst groeiende bedrijven van Nederland wordt uitgereikt.

  • 18-11-2020 / ABRS / normaal ondernemersrisico

    Verzoek om nadeelcompensatie (schade door omzetdaling) wegens project Kustwerk Katwijk is afgewezen. Appellante exploiteert een mobiele viskiosk op de Boulevard in Katwijk. Voor deze kiosk moet jaarlijks een standplaatsvergunning worden aangevraagd.

  • 11-11-2020 / ABRS / contra-expertise

    Het betreft hier een verzoek om vergoeding van schade in de vorm van een vermindering van de waarde van de woning van appellant door het Tracébesluit Rijksweg A74.

  • 04-11-2020 / ABRS – Aanduiding schadeoorzaak aan aanvrager

    Appellant had verzocht om tegemoetkoming in de schade als gevolg van het vervallen van de ligplaats van salonboten van appellant. Door het college is dit verzoek opgevat als een aanvraag om planschade op grond van artikel 6.1 Wro. Door de deskundige van het college is geadviseerd de aanvraag af te wijzen omdat de activiteiten onder het oude planologische regime reeds onder het overgangsrecht vielen. Het college heeft dit advies overgenomen.

  • 04-11-2020 / ABRS – Second opinion / taxatie

    Appellant kan zich niet verenigen met de door de deskundige verrichte taxatie en heeft daartoe een contra-expertise laten opstellen. Voorts is tevens naar aanleiding van die contra-expertise een taxatie verricht. De Afdeling concludeert dat op de elementen situeringswaarde, bedrijfswoning en milieucategorie de contra-expertise terecht opmerkingen zijn geplaatst. Omtrent het aspect verkeersbewegingen wordt de contra-expertise niet gevolgd.

  • 28-10-2020 / ABRS – Taxatie – beperkte rechtelijke toets

    Appellant kan zich niet verenigen met de door de schadecommissie verrichte taxatie en heeft daartoe een contra-expertise laten opstellen. De schadecommissie heeft in nadere adviezen uiteengezet dat zij een afwijkend oordeel/uitgangspunt heeft omtrent de objectafbakening, objectkenmerken en het gegeven dat het object is verhuurd

  • Zicht op onteigening en staatssteun?

    Onlangs is op 9 oktober 2020 arrest gewezen in de zaak gemeente Harlingen tegen Spaansen. In deze zaak wordt de zeldzame combinatie van rechtsgebieden: staatssteun en onteigening behandeld door Rechtbank, Hof en Hoge Raad.

  • 14-10-2020 / ABRS / deskundigenkosten

    Een door restaurant Casa Don Arroyo, eigenares van het pand aan Graafsebaan 42 te Rosmalen, ingediend verzoek om schadevergoeding is afgewezen. Het verzoek ziet op het Tracébesluit Omlegging Zuid-Willemsvaart Maas-Den Dungen.

Spring naar toolbar