Byte
Gloudemans uitsprakenUitspraken

Residuele grondwaarde

Residuele (grond)waardetaxatie eigendommen

Wat is de waarde van mijn eigendom? Wat is de waarde van het te verwerven eigendom? Twee vragen, die niet eenvoudig te beantwoorden zijn. Een waardebepaling kan, naast de bepalingen zoals opgenomen in de Onteigeningswet, op basis van een residuele methode plaatsvinden. Deze methode kan zowel voor de residuele grondwaarde (bouwrijpe grond) als voor de residuele waarde (ruwe grond) worden uitgevoerd.

Voor het bepalen van de residuele waarde van een eigendom worden alle uitgangspunten van een gebieds- of grondexploitatie ingevuld, behalve de waarde van het betreffende eigendom. Op deze wijze ontstaat een residu dat, in geval van een sluitend resultaat op de gebieds- of grondexploitatie, beschikbaar is voor aankoop/waardering van het eigendom. Dit is de residuele waarde.

Het bepalen van de opbrengstpotentie van uw eigendom of uw grond in bouwrijpe staat kan door middel van de residuelegrondwaardemethode plaatsvinden. De residuele grondwaarde van een eigendom is de toekomstige marktwaarde verminderd met de toekomstige stichtingskosten. Kortom, de residuele grondwaarde van een object is de maximale grondwaarde als dit object, nadat het object is gebouwd of gesticht, wordt verkocht of verhuurd.

Wij kunnen voor u een taxatie verzorgen, waarbij zowel de huidige waarde als de residuele waarde is opgenomen. Een taxatie op basis van enkel de residuele waarde is vanzelfsprekend ook mogelijk. Ten slotte kunnen wij voor u de residuele grondwaarde van uw eigendom bepalen.

Meer informatie?
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Robbin Bouten.

 

  • Lithoijen, twee percelen cultuurgrond aan de Valkseweg

    Te koop zijn twee percelen cultuurgrond, gelegen aan de Valkseweg te Lithoijen, ter gezamenlijke grootte van 3.68.50 ha.

  • ABRS 20 december 2017, zaaknummer 201702667/1/R6 (Heeze-Leende, bestemmingsplan “Bulders”)

    Ook in deze uitspraak gaat het (hoofdzakelijk) om de financiële uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan. De appellanten stellen onder andere dat de anterieure overeenkomst niet ter inzage is gelegd en dat de contractpartij “slechts” een ontwikkelingsvennootschap is, waardoor de gemeente een financieel risico heeft bij de vaststelling van het bestemmingsplan. In deze uitspraak wordt geen nieuwe jurisprudentie “geschreven”.

  • ABRS 20 december 2017, zaaknummer 201701103/1/R3 (Kampen, bestemmingsplan “Uitbreiding bedrijventerrein Spoorlanden”)

    Wederom een uitspraak (en geen vernieuwende) ten aanzien van de financiële uitvoerbaarheid van een vastgesteld bestemmingsplan, maar wel een uitspraak met een enigszins verfrissende / verruimende kijk op de verplichting tot vaststelling van een exploitatieplan.

  • ABRS 13 december 2017, zaaknummer 201703581/1/R2 (Bernheze, bestemmings- en exploitatieplan “Rodenburg”)

    Ook deze uitspraak was ten aanzien van de financiële uitvoerbaarheid van een vastgesteld bestemmingsplan.

    De appellanten vonden dat niet was gebleken dat voldoende middelen beschikbaar zijn om hun gronden (desnoods) te onteigenen. Ter zitting heeft de raad toegelicht dat hiervoor in de exploitatiebegroting middelen zijn gereserveerd. Omdat de appellanten dit niet (konden) bestrijden, faalde het betoog.

  • 06-12-2017 / ABRS – concrete aanknopingspunten en planologische vergelijking (Landerd)

    Er komen verschillende onderdelen aan bod. Eén ervan is het feit dat de door appellant aangedragen second opinion voor de Afdeling aanleiding was de StAB in te schakelen. Dit heeft voor appellant helaas niet het gewenste resultaat gehad. In de uitspraak komt o.a. aan bod de vergelijking tussen een projectbesluit en het daaraan voorafgaande bestemmingsplan.

  • 06-12-2017 / ABRS – compensatie in natura (Delft)

    Een zeer uitgebreide uitspraak waarin de Afdeling dieper ingaat op de mogelijkheid om de schade te compenseren in natura. Zo somt de Afdeling de belangrijkste aspecten uit de rechtspraak op. Het gaat te ver om hier een samenvatting te geven. Het verdient de aanbeveling de uitspraak geheel te lezen.

  • Bouwbedrijf Van der Hulst op bezoek bij premier

    In het kader van onze samenwerking met Bouwbedrijf Van der Hulst uit Lisse, delen wij u dit bericht van Bouwend Nederland. Vanwege de “Dag van de Ondernemer” mocht Yvonne van der Hulst, directeur van Bouwbedrijf Van der Hulst,  op bezoek bij premier Mark Rutte. Gloudemans adviseert Bouwbedrijf Van der Hulst in diverse ontwikkelingen.  

  • 15-11-2017 / ABRS – passieve risicoaanvaarding (Oss)

    De Afdeling is van mening dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij met een benuttingsperiode van zeven maanden onvoldoende tijd heeft gehad voor het voorbereiden en indienen van een bouwplan voor een garage / showroom.

  • Beëdiging rentmeester NVR

    Op 8 november 2017 vond te Baarn de beëdiging van 19 nieuwe Rentmeesters NVR plaats. Onze collega Mathijs van de Ven kreeg tijdens de 129e zitting van de Rentmeesterskamer het beëdigingscertificaat uitgereikt.

  • ABRS 8 november 2017, zaaknummer 201701403/1/R6 (Rijswijk, bestemmings- en exploitatieplan “Sion – ‘t Haantje, 2e herziening”)

    Dit keer (wederom) een korte uitspraak ten aanzien van de financiële uitvoerbaarheid van een vastgesteld bestemmingsplan, waarbij dit keer in het verweer van de raad het exploitatieplan wordt “gebruikt”.

  • 01-11-2017 / ABRS – voorzienbaarheid (Utrecht)

    Voorzienbaarheid werd aangenomen op basis van een bestemming waaraan goedkeuring onthouden was. De rechtbank ging mee in de gedachte dat de onthouding goedkeuring niet weg neemt dat het beleidsvoornemen van de gemeente niet is gewijzigd. Hier gaat de Afdeling niet in mee.

  • 01-11-2017 / ABRS – passieve risicoaanvaarding, uitlatingen gemeente (Apeldoorn)

    Appellant had geen gebruikgemaakt van de mogelijkheid om in de periode tussen het voorontwerp- en het ontwerpbestemmingsplan (17 maart 2011) zijn rechten veilig te stellen. Appellant betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat zij niet hoefden te verwachten dat de bouwmogelijkheden op het perceel zouden worden beperkt.

  • 25-10-2017 / ABRS – Te laat inbrengen van gegevens m.b.t. loonkostenbesparing

    Appellante exploiteert een woonwinkel in Soest en heeft een verzoek om nadeelcompensatie ingediend vanwege de omzetschade die is geleden als gevolg van verkeersbesluiten ten behoeve van de herinrichtingswerkzaamheden in de Van Weedestraat, de Burgemeester Grothestraat, de Koninginnelaan, de Vredehofstraat en het Nieuwerhoekplein in de jaren 2012 en 2013, waarbij de toegangswegen naar en de parkeergelegenheden bij haar woonwinkel gedurende langere tijden niet of nauwelijks bereikbaar waren.

  • 25-10-2017 / ABRS – onafhankelijkheid adviseur en noodzaak opname locatie (Helmond)

    Deze uitspraak is het sluitstuk van de uitspraak van 16 december 2014 waarin aan de orde kwam dat de schijn was gewekt dat de adviseur in het onderhavige geval als planschadeadviseur niet onpartijdig was. De aanvraag is door de gemeente voorgelegd aan een andere partij.

  • 25-10-2017 / ABRS – normaal maatschappelijk risico supermarkt met bovenwoningen in dorp (Hoogezand-Sappemeer)

    De ontwikkeling (supermarkt met bovenwoningen) is terecht aangemerkt als een normale ontwikkeling in een omgeving die behoort tot het centrumdorps milieu.